Laatste halte: Nicaragua

Het aftellen is begonnen, de laatste paar dagen ingegaan en we hebben ook eigenlijk wel weer zin om naar huis te gaan. Nicaragua is een erg mooi en goedkoop land, maar ook wel primitief op z’n tijd. Onze laatste reisdagen spenderen we aan het Apoyomeer, om nog even te relaxen voor we weer de lange reis naar huis gaan maken.

Na de moeilijke grensovergang zijn we dus eerst op Ometepe eiland een beetje gaan uitrusten. Eerst in een heel goedkoop hostel aan het strand, maar daar konden we uit principe helaas niet blijven nadat twee van Anne haar onderbroeken van de waslijn gestolen waren (uit zo’n 20 kledingstukken). Daarna in een hotel waar verder niemand was. De twee vulkanen van het eiland zorgden voor mooi uitzicht, maar brachten ons niet in de verleiding om ze te gaan beklimmen (gelukkig, want we wilden uitrusten).

De boot en een chaotisch busritje in de chickenbus (oude Amerikaanse schoolbus) brachten ons in Granada. Met haar vele koloniaal uitziende gebouwen is het een charmante stad. Uiteraard waren wij hier dus ook niet de enige toeristen, en we waren graag langer gebleven als het eten niet zo (relatief) duur was. Behalve de privé eilandjes en dat het een fijne stad is was er verder ook niet bijster veel te beleven. Na drie dagen gingen we dus naar Masaya om in een actieve vulkaankrater te kijken. Dat was echt heel erg indrukwekkend om te zien! Masaya heeft ook een grote souvernir/kunstmarkt, die we uiteraard ook niet hebben overgeslagen.

Een busje en weer een chickenbus bracht ons in 5 uur naar Estelí. De volgende dag gingen we meteen op een tour naar de Somoto Canyon. Het water was af en toe een beetje koud, maar het was erg leuk om met een zwemvest aan door de prachtige Canyon te dobberen.

Met een korte tussenstop in Matalgalpa om te zien hoe chocolade gemaakt wordt, ons 2,5 jarig samenzijn te vieren en zodat Anne een Skype gesprek kon hebben voor een mogelijke PhD-plek, gingen we naar León. Daar kwam Aletta ons opzoeken vanuit Honduras! Dus zijn we van een vulkaan (met prachtig uitzicht) afgesleed met een flinke vaart, lekker uit eten gegaan en zijn we naar het strand geweest. Nadat Aletta weg was zijn we nog iets langer gebleven omdat Anne wat moest typen voor haar PhD.

Onze laatste echte reisbestemming was El Castillo helemaal in het zuiden van Nicaragua. Ze hebben daar een interessant oud fort, en het dorpje is omringd door jungle. Prachtig!

Nu zijn we dus aan het chillen aan een meertje (wel met regen, dus we komen al goed in de stemming voor Nederland). Aankomende woensdag (29 juni) zijn we weer thuis, na een korte overstap in Panama City is ons vluchtnummer KL0758, voor als jullie ons willen tracken 😉

Advertenties

Lekkere kust

Het lijkt wel alsof we in razend tempo door Midden Amerika heen denderen, aangezien we nu na twee weken Costa Rica alweer in Nicaragua zijn. Sterker nog, over ongeveer drie weken vliegen we alweer naar huis vanaf Managua! Toch voelt het alsof we in de afgelopen twee weken wel veel gedaan hebben, en zo groot is Costa Rica natuurlijk ook weer niet.

Onze voornaamste activiteiten in Costa Rica waren het bezoeken van nationaal parken en het klagen over hoe duur alles was. Even serieus, 6 dollar voor een klein potje pesto?! Gelukkig maken de parken veel goed.

Na een moeilijke start waarbij we naar een park moesten liften vanaf de laatste bushalte was onze tweede stop een hostel bij Parque Nacional Corcovado. Dit park staat bekend om de grote hoeveelheden wilde dieren die je er kunt zien, maar helaas is een (vrij prijzige) gids verplicht. Het hostel waar wij zaten bevond zich aan de rand van het park, en de eigenaren hebben wandelpaden gemaakt die je zelf kunt belopen. Hier zijn we drie nachten gebleven, en hebben we onder andere drie soorten giftige kikkers gezien, een slang, en apen.

Vanaf daar gingen we naar Parque Nacional Manuel Antonio, zo ongeveer het drukst bezochte nationaal park van het land. Het is een klein park, dus de kans om dieren te zien is groot (de kans om je te ergeren aan andere toeristen die luid praten is ook erg groot). We hadden heel veel geluk; we zagen herten, alle drie de soorten apen die er leven, leguanen, een giftige kikker, wasberen en agouti’s.

De hoofdstad San José heeft eigenlijk vrij weinig dat echt de moeite waard is om te bezoeken. Wij gingen erheen om iemand op te zoeken die we in Bolivia hadden ontmoet, en het was heel leuk om haar weer te zien na al die maanden! We gingen echter vrij snel al weer weg, op naar de Peninsula de Nicoya om bioluminescent (lichtgevend) plankton te zien – een cadeautje van de vrienden van Timo. Het was echt betoverend; als je je hand door het water haalde gleden de glinsterende druppels langzaam van je vingers en elke regendruppel lichtte het water een beetje op. Dankjulliewel! Helaas zullen jullie dit zelf moeten gaan ervaren, want foto’s maken was onmogelijk.

Onze volgende bestemming was het bergdorpje Santa Elena, omdat we in de omgeving wat wandelingen wilden maken. Het regenseizoen gooide echter roet in het eten, dus hielden we het bij een nachtwandeling om slangen, een tarantula en een poepende luiaard te zien.

Tot slot bezochten we het vulkanische park Rincon de la Vieja, met bubbelende modderbaden (100 graden Celcius, dus niet in gezwommen), een warme rivier, en een mooie waterval. Toen was het alweer tijd om de grens over te steken, op naar het laatste land en de laatste avonturen. Hoewel Costa Rica uitkomen om de een of andere reden intens moeilijk was, is het ons uiteindelijk toch gelukt. Nicaragua voelde meteen al heel anders: chaotischer, duidelijk armer en goedkoper, en charmanter. Terwijl we dit schrijven zijn we op het eiland Ometepe met beperkt internet, maar daarover in de volgende blog meer!

Overvloed aan vis

Panamá betekent ‘een overvloed aan vis’, en we hebben inderdaad best veel vissen mogen bewonderen. Natuurlijk is dat niet het enige wat we gezien hebben. De eerste paar dagen viel Panama ons een beetje tegen, maar gelukkig is het beter geworden. De luiaarden die we gezien hebben hielpen hier ook aan mee.

Panama City is best een leuke stad, maar er is gewoon niet zo heel veel te doen. Ter illustratie: de metro staat op nummer 4 van ‘dingen om te doen’ op Tripadvisor en de Albrook mall op nummer 15 (het is wel een heel gave mall met treintje, eigenlijk echt veel leuker dan de metro). Het enige toffe aan Panama City is dat er een groot natuurpark met allemaal looproutes in de stad is, waar we dus luiaarden gezien hebben en een coole leguaan (een Jezus Christ lizard?).

Snel de stad uit dus, eerste stop El Valle in de bergen, waar de hitte iets beter te verdragen is. Toen we er net 10 minuten waren kwam er een luiaard met baby voorbij via de elektriciteitskabels, dus wij waren meteen verkocht. Daarnaast hebben ze in de omgeving hele coole soorten kikkers, die we helaas niet in het wild gezien hebben maar wel in het opvangcentrum (ze worden bedreigd door een huidschimmel).

Onze volgende bestemming was Santa Catalina aan de kust, waar we gesnorkeld hebben in de prachtige omgeving van het eiland Coiba. Ook kwam Anne er daar achter dat ze wat spullen was vergeten in El Valle, dus ging ze even 4 uur terug en 4 uur weer heen om die op te halen.

Daarna was het tijd voor de Caribische kust, en wel in Bocas del Toro – zo ongeveer de meest toeristische plek van Panama. Op de weg erheen hadden we een erg negatieve ervaring met wat mensen die erg graag wilden dat we hun bootje namen (we vroegen 3x of ze ons niet wilden volgen, maar ze gingen niet weg). Ondanks deze ervaring was Bocas verder eigenlijk erg relaxed. We hebben een beetje gesnorkeld (met zeesterren en een ‘schattige’ rog!), gezwommen, en rondgelopen.

Voordat we weer naar de bergen gingen maakten we een uitstapje naar een natuurgebied waar je overdag zeekoeien kunt zien, en ’s nachts de kans hebt om zeeschildpadden eieren te zien leggen. De schildpadden kwamen helaas niet opdagen toen wij er waren, maar de zeekoeien waren echt zo leuk en bijzonder om te zien!

Nu we dit schrijven zijn we in Boquete, waar we vandaag een lange wandeling over het ‘pad van de Quetzales’ gemaakt hebben. De Quetzal is een mooie vogel, bijzonder is dat de mannetjes een hele mooie lange staart hebben. Helaas wilden die zich niet laten zien, maar wel twee vrouwtjes (geen foto helaas), een paar apen, een eekhoorn en een aantal kolibri’s. Dit was meteen onze laatste bestemming in Panama, nu op naar Costa Rica!

List of hostels we stayed at in Ecuador

Coming from Peru and Bolivia, arriving to Ecuador can be a bit of a shock. A lot of things are more expensive, and finding cheap places to stay is sometimes a challenge. Since we wanted to go to the Galapagos islands, we knew we would have to save as much money as we could along the way. So, here is the second instalment of ‘List of (cheap) hostels we stayed at’!

In our List of cheap hostels in Peru we wrote down some general tips on how to find an affordable place to sleep. Those same recommendations apply to Ecuador, except we found that we used our Ecuadorian phone number much less than its Peruvian counterpart. In general, we found that budget-friendly rooms were less easy to find in Ecuador compared to Peru, but it’s possible!

The List
(Alphabetical order. Prices are per person, sometimes for a 2-person private room and sometimes for a dorm. We’ve listed prices for different rooms if we knew them)

Amazon
Nicky Lodge ($280 for 4d/3n including all meals, activities, transport to-and-from Lago Agrio, and one-way transport from Quito).
Website: http://www.nickylodge.com
Email: info@nickylodge.com
We chose this lodge because of the good reviews, and because they offered to include the transport from Quito to Lago Agrio (one way) in the price when we asked for a discount. The only negative point that I can name is that they are too good, which means that too many people choose them and the groups are slightly too big (+- 9 people in a group). Other than that, it was amazing. Good meals, amazing activities and guides, and an overall great experience. No hot water or wifi (you’re in the middle of the jungle!), but towels and mosquito nets are provided. Private rooms with private bathrooms.

Baños de Agua Santa
Hostal Israel ($7.50 per person for a matrimonial with private bath).
Address: Luis A. Martinez y Oscar E. Reyes
Telephone: +593 98 782 0041
We got approached by a guy (actually, 8 guys) when we got off the bus. Since it was 1 in the morning we accepted to walk half a block with one of them to this hostel. It looked clean and it wasn’t too expensive so we accepted. There was pretty good wifi, a kitchen (no fridge), a nice view, hot water, towels included and free drinking water downstairs. You can probably get an even better price if you mention you’re staying multiple days. Do ask for a room that is not on the top floor though, since you’ll be right next to the kitchen and one night we were kept up by a group of rude guests who were cooking and talking until 1:30 in the morning (yes, we did ask them nicely to leave). Seriously though, there are so many hostels in Baños – you will have no trouble finding one that suits your needs.

Cotopaxi
Secret Garden Cotopaxi ($38 per person for a dorm bed including all meals and snacks, or the $125 deal for 3 nights).
Telephone: 0993572714
Website: http://secretgardencotopaxi.com
Email: hola@secretgardenquito.com
Everyone seemed to be super enthusiastic about this place. We… were a bit unlucky. However, it is a chill place to hang out, drink some tea, eat some cake, and watch the nice views. We were there for the 4d/3n deal, which is pretty good value considering several tours are included, but if you go there without being part of a deal I’m not sure if it’s worth it. Be prepared for unpredictable showers as well!

Cuenca
Hostal Santa Fe ($7 per person for a matrimonial with extra bed and shared bath).
Address: Antonio Borrero 5-57, between Juan Jaramillo and Honorato Vasquez.
Very nice owner and close to the center. Many restaurants in the neigbourhood. Not the cleanest place, but the extra sheets we got were clean. We were in the back next to the laundry room, but the only noise that bothered us came from other guests. Kitchen, wifi, and hot water available; towels were included as well. You can also do laundry here for $1 per kg and get breakfast for $2.50. The owner will gladly tell you about an awesome breakfast place nearby though (Moritas, from $2).

Guayaquil
Hotel Berlin ($5.50 per person for a matrimonial with private bath and fan).
Address: Rumichaca 1503 (near corner with Sucre).
Telephone: +593 4-252-4648
Although it was a bit weird that we initially only got 1 sheet (covering the matress), 1 towel and 1 pillow, this was quickly resolved. At this price, it was good: not too far from the center, clean, with wifi. Only cold water. We were VERY happy to have taken a room away from the street, since there was a lot of noise outside. For $1 more per person you get airconditioning.

Ibarra / La Esperanza
Casa Aida ($18 per person for a matrimonial with extra bed including breakfast and dinner, or $8 per person for a bed).
Address: From Ibarra take the bus to La Esperanza. Ask to be let off at Casa Aida.
This is a really quiet hostel run by lovely old lady Aida. Many years back, this place was a go-to for hippies and famous artists (Bob Dylan, Pink Floyd) because psychedelic mushrooms grow nearby. There were no tripping people when we were there, just some people looking to climb the Imbabura volcano. The dinner was nice and the breakfast was very nice, there is hot water, towels are included and there’s also wifi (but only in the wifi-chair).

Latacunga
Hotel El Alamo ($9 per person for a matrimonial, an extra bed, and private bath).
Address: Dos de Mayo 801 (near the corner with Juan Abel Echeverría).
Telephone: 2812043 or 2810656
Everyone we talked to wanted to send us to Hostal Tiana, but we think $8-10 for a dorm bed is too much. After some walking we found this place, and after some haggling the lady agreed to $18 for the room. Hot water, towels included and (not very good) wifi. There is a cafeteria with the same name close by where you can get breakfast for $2-3.

Mindo
La Tranquilidad ($6 per person for a matrimonial with shared bath).
Address: Standing on the main street with Dragonfly Inn on the right take the street on the left. Walk for a couple of minutes and take a right when you see the sign (or just ask!).
Telephone: 2 170 036 / 099 476 512 / 097 472 231
A pretty chill and cheap place not too far from the action in Mindo (then again, Mindo is super small). Very tranquil, except for the neigbours’ roosters that start to make noise early in the morning. Includes towels, has good wifi and a kitchen available, and has consistent hot water.

Otavalo
Hostal Aly ($5 per person for a matrimonial with shared bath).
Address: Atahualpa street (between Salinas and Morales).
Telephone: 09 39 122 807 / (06) 2 928 558
Asked the nice lady at the reception for their cheapest room and she offered us this one, which was so cheap because it lacked a TV. We found out the window couldn’t be locked, but then fixed that with a piece of wood that we sawed. Towels, wifi, and hot water included. Within walking distance of the bus station and the center.

Puerto Ayora (Santa Cruz, Galapagos)
Hostal Gardner ($12.50 per person for a matrimonial with extra bed, a private bath and a fan).
Address: Thomas de Berlanga (ask around).
Telephone: +593 5-301-3894
The only place we could find for less than $30 for a room (after haggling). The hostel is very nice, with a cool kitchen/roof terrace and free drinking water. Very good shower (hot water also) with towels included and wifi is also available (not in the room).

Puerto Villamil (Isabela, Galapagos)
Posada del Caminante ($16 per person for a huge room with a matrimonial, 2 extra beds, private bath, fan, and own kitchen).
Address: Stand on the left side of the main square with your back to the restaurants and take street in front of you. Turn left when you see the sign (or just ask).
Telephone: +593 5-252-9407
The only place we could find for less than $20 per person that wasn’t full. They asked $18, but we mentioned that we were staying 4 nights and asked for a discount. It turned out to be a good deal, since they had free drinking water (water is super expensive on Isabela) and we could do our laundry here for free as well. Chill place, clean, hot water available and towels included. There was (very bad) wifi. A bit far from the beach compared to other places, but the town is super small so not really far at all.

Quito
Backpackers Inn ($8 per person for a matrimonial with shared bath, $7.50 for a bed in a 6-bed dorm).
Address: Juan Rodriguez E7-48 (near the corner with Reina Victoria).
Telephone: +593 (2) 250 9669 or mobile +593 (0)98 023 946
Website: http://www.backpackersinn.net/
Email: info@backpackersinn.net
We initially contacted this hostel because their website said the dorms were $6,50. Unfortunately, this didn’t turn out to be the case, but the location was good and the people were friendly, so we stuck around. The first night we stayed in a three-bed dorm for $8 per person (we were the only ones there), and the subsequent nights they offered us a private room for the same price. There are some water issues (showering is a bit of a rollercoaster in terms of hot/cold water), but the sheets were clean and the wifi was good. There is also a pretty good kitchen and it’s not right next to any bars or clubs, so it’s relatively quiet.

We hope you can get some use out of this! To get an idea of some of the places, enjoy the photos below.

Hasta luego Colombia

Van de Caribische kust naar Bogotá (de vriezer van Colombia) en toen door naar Panama – we hebben een hoop verschillende dingen beleefd de afgelopen tijd.

Vanuit Tolú (bij de Islas San Bernardo) namen we een 8 uur durende bus naar Santa Marta. We hadden het ook in 6 uur kunnen doen, maar natuurlijk stopten we in elke stad, en het laatste gedeelte van de reis werd onze chauffeur afgewisseld door iemand waarvan we vermoedden dat het de eerste keer was dat hij een bus bestuurde. Gelukkig was hij niet overmoedig en reed hij dus langzaam, maar daardoor was het wel 2 uur ’s ochtends voor we op onze bestemming waren.

Santa Marta is zelf niet zo heel interessant, maar er zijn in de omgeving veel dingen te doen. Parque Tayrona bijvoorbeeld, waar we twee nachten hebben gekampeerd en wandelingen hebben gemaakt. Op onze wandeling naar de camping toe zagen we een familie Red Titi aapjes en ongeveer zeven agouti’s, en op de weg terug zagen we nog weer andere aapjes, een heremietkrab, en twee kleine kikkers (zwart met gele strepen). Ook zagen we honderden salamanders in allerlei kleuren, vooral op onze wandeling/klimtocht naar El Pueblito – een dorpje met ruïnes van de oorspronkelijke bewoners. Ook vonden we een kokosnoot met melk erin, die iets langer dan verwacht duurde om open te maken (lees: ongeveer een half uur), maar waar we des te meer van genoten.

Na dit nationaal park zijn we naar Minca gegaan. Dit is een klein dorp iets meer in de bergen, waardoor het iets koeler is dan aan zee. Daar hebben we gewandeld en gelift naar een populaire zwemplek, en hebben we wifi ‘gestolen’ van een restaurant om te kunnen skypen.

Voor we naar Bogotá en Panama vlogen wilden we nog een beetje uitrusten en wat werk doen, dus besloten we naar een hostel in the middle of nowhere te gaan (maar ze hebben wel wifi). Hier sliepen we met een slang boven ons hoofd en werkten we aan onze CVs.

Daarna was het tijd om naar Bogotá te vliegen, waar we een aantal dagen verbleven voor we doorgingen naar Panama. We sliepen bij José, Martha en hun zoon Alejandro, lieve mensen die de ouders van Timo hebben ontmoet op wintersport. Ze zijn echt de liefste en beste gast”heren” die je je kunt bedenken, en we hebben een geweldige tijd gehad in Bogotá. In vijf dagen zijn we bijna een deel van hun familie geworden en hebben we ontzettend veel gezien en gedaan: de stad verkend, het Boteromuseum en het goudmuseum bezocht, gegeten bij Andres Carne de Res, een zondagsmarkt bezocht, heerlijk gegeten, een zoutkathedraal bekeken, gewandeld in de bergen, en goed uitgerust. Het grappigste wat we gezien hebben was een boekenfestival met Nederland als gastland (onwijs toevallig) – voor het eerst in bijna zes maanden konden we weer stamppot, haring en Nederlandse kaas eten! Hierdoor geïnspireerd hebben we ook nog een echte Hollandse appeltaart gebakken bij José en Martha thuis; hij viel erg in de smaak!

Helaas was vandaag de dag dat we Bogotá moesten verlaten om naar Panama te vliegen. Het ging allemaal niet helemaal vlekkeloos (iets met een bewijs van doorreizen en printen en rennen door het vliegveld en een uur in de rij staan voor de immigratie), maar we hebben het gered!

Medellin en de Caribische kust

Terwijl we dit typen gaat de zon onder op het kleine eilandje in de Caribische zee waar we een nachtje verblijven. Het is enorm idyllisch, behalve de zeeëgels en niet zo tranquilo mensen dan. Een terugblik.

De vorige keer dat we schreven waren we op weg naar Medellin. De eerste drie dagen verbleven we daar in een AirBnB met dakzwembad, wat heel duur klinkt, maar dat verrassend genoeg niet was. Natuurlijk hebben we niet de hele tijd daar doorgebracht, want er is best veel te zien in Medellin. De grote held van deze regio is schilder/beeldhouwer Botero, van wie zo’n 15 beelden op een plein in het centrum te vinden zijn. Veel van zijn schilderijen hebben we ook kunnen bewonderen in het regionale museum, en verder hebben we nog het museum van de moderne kunst bezocht en een ‘walking tour’ gedaan. Vooral tijdens deze tour hebben we heel veel geleerd over de stad en Colombia in het algemeen.

Vervolgens zijn we twee nachtjes naar een schattig dorpje in de buurt gegaan (in de buurt is hier 2,5 uur met de bus). Dit dorpje, Guatapé, is voornamelijk bekend vanwege de rots die vlak daarbij in zijn eentje boven het landschap uittorent. Natuurlijk hebben wij deze rots beklommen, met als beloning een mooi uitzicht over de omgeving.

Na nog één nachtje in Medellin was het tijd voor onze vlucht naar Cartagena. Wat een wereld van verschil – vooral in temperatuur. Douches hebben hier aan de kust standaard alleen maar koud water, en je hebt altijd de keuze uit airconditioning of ventilator (als echte bikkels slapen wij natuurlijk met ventilator).

Het centrum van Cartagena is prachtig en fotogeniek, maar na een ochtendje rondlopen hadden wij het wel gezien. We besloten dus op de bonnefooi naar het strand te gaan, iets wat goed uitpakte omdat we een taxichauffeur tegenkwamen die ons heel goedkoop wilde brengen. Na een dag en nacht cocktails drinken op het strand keerden we weer terug naar Cartagena om het fort te bekijken. Echter, omdat we nog niet genoeg zand in onze backpacks hadden besloten we daarna af te reizen naar de Islas San Bernardo. Daar zijn we dus op het moment van schrijven, hoewel we op het moment van uploaden in Santa Marta zijn.

Nog iets leuks over de eilandengroep waar we ons bevinden: eiland Múcura is heerlijk rustig en een fijne plek om je handdoek uit te spreiden op het zand. Slechts 5 minuten met de boot verderop vindt men echter Santa Cruz del Islote, het dichtstbevolkte eiland ter wereld. Het heeft ongeveer de grootte van 1,5 voetbalveld en telt zo’n 1000 inwoners.

Na een nachtje in deze fotogenieke omgeving (inclusief lunch met kreeft) gingen we naar Santa Marta, waar we nu dus zijn. Geniet van de foto’s!

Cowboys in Colombia

We komen er net achter dat we al weer twee weken in Colombia zijn. Hoog tijd voor een update dus!

Onze eerste echte bestemming in Colombia was San Agustín. Dit is een klein dorpje in de bergen, waar honderden stenen beelden gevonden zijn die dienden als bewakers voor graftombes. Drie dagen lang hebben we het hele gebied verkend, zowel het archeologisch park als de omliggende omgeving (met jeep en te paard). Het paardrijden was een erg hobbelige ervaring, en we hadden dan ook twee dagen intense spierpijn als gevolg.

Echter, omdat we daarna naar de woestijn van Tatacoa gingen, zaten we onverwachts binnen korte tijd nog een keer op een paard. De verschillende kleuren en formaties van de woestijn waren prachtig, en we voelden ons echte cowboys terwijl we rondgallopeerden. Gek genoeg voelde het niet echt alsof we in een woestijn waren, aangezien het tijdens onze eerste nacht en ochtend heel hard regende. Best bijzonder, aangezien we later hoorden dat het hiervoor anderhalf jaar niet geregend had! Het was ook wel fijn dat het een beetje afgekoeld was daarna.

Ook bij onze volgende stop hadden we regen, maar dat mocht de pret niet drukken. Salento ligt midden in de koffieregio, waardoor we natuurlijk geen andere keus hadden dan een koffieplantage te bezoeken. Ook hebben we ’s wereld grootste palmbomensoort gezien tijdens onze wandeling door de omliggende heuvels.

Nu zijn we in Manizales, waar we dankzij een AirBnB-bon gratis kunnen verblijven voor twee nachten. Hier hebben we van de zonsondergang genoten bij het indrukwekkende Colonizadores monument. Over een paar dagen gaan we naar Medellin, in de jaren 90 een gevaarlijke stad, maar nu de hipste plek van Colombia!

Vaarwel Ecuador, hallo Colombia

Verrassing, we zijn in Colombia! Dat werd ook wel tijd, na zo’n 6 weken in Ecuador. Er is er gewoon zo veel te zien voor zo’n (relatief) klein landje. We hebben echter ook wel heel veel zin om weer een nieuw land te gaan verkennen, zeker omdat iedereen die we spreken superenthousiast is over Colombia.

Na onze lensdop-zoekactie in Quito zijn we zo snel mogelijk doorgegaan naar Mindo. Dit is een klein dorpje midden in de zogeheten ‘cloud forest’, waar honderden soorten vogels te zien zijn. We waren er doordeweeks, wanneer er meer kukelende hanen zijn dan toeristen, dus het was een heerlijke plek om in alle rust de natuur in te duiken.

Zoals jullie aan de foto’s kunnen zien hebben we heel veel kolibri’s gezien, waardoor Anne een kleine obsessie met deze vogels ontwikkelde. Daarnaast hebben we een vlindertuin bezocht. Hier kon je de vlinders voeren door een beetje bananenprutje op je vingers te smeren. We sloten de dag af met een ‘kikkerconcert’ in het donker, waar we een aantal soorten kikkers konden zien en horen.

We verlieten Mindo om op tijd te kunnen zijn voor de zaterdagmarkt in Otavalo. Dit schijnt een van de grootste openluchtmarkten ter wereld te zijn, maar eerlijk gezegd hebben we wel grotere (en minder toeristische) gezien in Bolivia. Lang zijn we er dus niet gebleven, vooral omdat we Laguna Cuicocha nog wilden zien. Wat een prachtig meer, en wat een prachtige omgeving zagen we terwijl we rondwandelden.

Onze laatste bestemming in Ecuador was het kleine dorpje La Esperanza. Daar zit een hostel dat gerund wordt door de lieve oude Aida. Vroeger kwamen er veel hippies en beroemde artiesten (Bob Dylan, Pink Floyd) naar Casa Aida, omdat er in de buurt psychedelische paddenstoelen groeiden. Naar verluidt groeien die er nog steeds, maar wij hebben ze maar niet uitgeprobeerd. In plaats daarvan hebben we eindelijk allebei een boek uit kunnen lezen, en hebben we plannen gemaakt voor het volgende avontuur: Colombia!

Ondertussen zijn we hier drie dagen, en binnen twee uur nadat we de grens over waren werden we alweer gevraagd om op te foto te gaan met een kind. Dit beloven dus interessante weken te worden, met waarschijnlijk veel kerken – zoals bijvoorbeeld die hieronder op de foto.

The cheapest way to go to Machu Picchu

If you’re looking for a cheap way to go to Macchu Picchu, you can stop looking. That’s not possible. However, if you’re looking for the cheapest possible way to get there, you’ve come to the right place.

Everything around Macchu Picchu seems to be designed to make it very expensive to visit, and fairly difficult to visit on a budget. If you’re not willing to spend dozens of dollars on a train ticket, for instance, you will have to walk at least 2,5 hours to get to Aguas Calientes (the little town at the bottom of Macchu Picchu). Many people have written about cheap/independent ways to make this trip, including Offbeat Travelling and Unboxing Traveller, but our way was just a little bit easier (and marginally cheaper).

Before you go:

1. Dig up your student card. In contrast to what they write on the website, you don’t necessarily need an ISIC card. A normal student card will suffice as long as it has an expiration date on it (that is in the future).

2. Decide not to go to Huayna Picchu or Montaña. Of those two we personally only climbed Huayna Picchu, and while it was nice we found better views near the sun gate (which is included in the normal ticket). If you’re on a tight budget you can skip the mountains.

3. Decide when you want to go and buy a ticket in Cuzco (on the small street Calle Garcilaso – NOT Av. La Cultura!) or in Aguas Calientes (just next to the main plaza). Cuzco is recommended for peace of mind. Remember that you’ll need to go to Aguas Calientes one day before your date of visiting Macchu Picchu. Also remember to bring your passport to the ticket office as well as Machu Picchu, you will need to show it!

4. Arrange transport to Hydroelectrica (the farthest you can get by car). Other blogs will tell you to take public transport, which costs approximately 60 soles for a round trip. However, this is a bit of a hassle. We found that it is also just possible to go to a travel agency on the Plaza de Armas, and ask to book only the transport there (the one where we booked this is on number 267, opposite the cathedral). We paid 60 soles for a round trip as well, and didn’t have to go all the way to the bus station. When we told others at our hostel about this they arranged the same thing for 55 soles per person – so bring out your haggling skills! Moreover, we accidentily got a free lunch on transport day because they thought we were part of the tour group. Make sure to arrange the return date that you want (we arranged to return two days after our departure day because we wanted to spend a full day at Machu Picchu) and make sure they write down everything, including that you paid.

5. Buy some supplies (snacks, water, poncho) in Cuzco just in case you’re not so lucky to get free lunch. Also because everything in Aguas Calientes is more expensive. Transport generally leaves very early (7:00 a.m.) so you won’t have time to do this on departure day.

When you go:

6. Be on time, sit down, and relax. You’ll be here a while.

7. From Hydroelectrica, walk the 2,5 hours along the train tracks to Aguas Calientes. This sounds sketchy, but it is the only ‘path’ and many many people are taking it. Also, trains don’t go often, drive slow and honk all the time. You can also take a train from this point, but since that costs about $28 one way and since this is a cheap-ass post we won’t discuss that option.

8. When looking for a hostel in Aguas Calientes, don’t go up from the main plaza. Instead, keep following the train tracks into the village, and go up and perhaps a bit to the right from there. Hostels are supposed to be cheaper there, since it is not the main tourist area. We made the mistake of walking all the way up from the plaza on the main tourist street, and it took us over an hour to find a place (shithole) that charged us 25 soles per person.

9. Haggle on hostels and anything else you think is acceptable. For example, we bargained all our bottles of water (2.5L) down from 5 to 4 soles. Still expensive compared to the rest of Peru, but 5 would have just been extravagant.

10. Buy lunch and water for the next day. Officially you’re not supposed to bring in food or disposable water bottles to Machu Picchu, but no one checks and they were literally selling water in plastic bottles within the park (~5 soles for 500ML, which, strangely enough, was cheaper than buying it just outside the park). Food is… well, let’s just say that I saw a single Snickers bar in a vending machine for 8 soles.

Machu Picchu day!

11. If you really have no money, walk up to Machu Picchu. We did this, but looking back we would rather have taken the ($12!) bus. The 1h30min climb is not particularly easy, and quite steep – kind of like a big staircase. In other words, walking up (and down) is possible, you’ll just be very tired at the end. Ask around for the start of the trail, since it lies quite far outside of the town.

12. Enjoy your time at Machu Picchu. We spent the whole day (7:00 – 16:00) there and were not bored. We recommend either coming early or staying late (or both), as the big groups generally come between 9:00 and 14:00. Also recommended is the walk up to the sun gate (Inti Punku), which takes a while but offers some beautiful views.

13. Walk back down or take the bus (another $12!). The way down is definitely easier than the way up (unless your knees are in very bad condition).

14. If you opted to go back the day after visiting Machu Picchu (which is what we did, but not what most tour groups do), stay another night in Aguas Calientes. If you opted to go back the same day, you’ll have to leave Machu Picchu quite early, since the vans leave Hydroelectrica at around 14:30.

Going back:

15. Sleep in, massage your feet, have breakfast at the mercado central (or somewhere else, you don’t have to do exactly as we say) and slowly make your way back to Hydroelectrica, making sure to arrive there on time (typically before 14:30).

16. Try to find the right group/van: look for people you recognize, and if that fails just ask every person with a list in their hands. After that you just sit and relax, and pray to the sun god that the driver doesn’t drive you off a cliff.

We hope this was helpful to you, and we wish you a lot of fun and as few sore muscles as possible!

Weg van de bewoonde wereld

Na meer dan een week geen internet nu eindelijk weer een nieuwe blogpost. Intussen hebben we vier dagen in de Amazone vertoeft, en vier dagen bij de Cotopaxi-vulkaan. Daar hebben we veel mooie natuur en dieren gezien, hebben we veel gevaren door de rivieren in het Amazonegebied, hebben we zware wandelingen gemaakt, zijn we de lensdop verloren, is Anne’s shirt verbrand en hebben we jungle-knoflook-boomschors gesnoven.

Amazone

Na zo’n 5 uur door een kleine bus en kano te zijn vervoerd door de regen, leek het erop alsof het een regenachtige trip zou worden. Gelukkig stopte de regen zodra we aankwamen bij de lodge en hebben we de rest van de dagen mooi weer gehad. ’s Avonds hebben we direct al een wandeling gemaakt door het bos en hebben we een slang gezien, heel veel verschillende insecten en tarantula’s.
De volgende dag stonden we vroeg op (5.30 uur) om te dobberen/peddelen en vogels en apen te zien. In de middag maakten we een wandeling door de jungle, en leerden we veel over de verschillende planten en waar je ze voor kunt gebruiken. We proefden verschillende soorten fruit en snoven fijngehakte jungle-knoflook dat zou moeten helpen tegen verkoudheid. Later op de middag gingen we weer varen, en zagen we onder andere roze rivierdolfijnen en een havik die het gemunt had op een baby-stinkvogel. Tegen zonsondergang begon onze Colombiaanse gids Messi het geluid van een jaguar na te doen in de hoop ze te lokken, maar het mocht niet baten. Wel zagen we nog wat andere nachtdieren, waaronder een kaaiman van heel dichtbij. Timo en ik liepen voor we naar bed gingen ook nog even met een zaklamp over het terrein, waarbij we een aantal kikkers en een mini-schorpioen zagen. Je hoeft dus niet ver te gaan!

De rest van de dagen hadden een vergelijkbaar programma, waarbij we steeds veel dieren zagen. Bijzondere activiteiten waren nog het maken van cassavebrood bij een lokale familie, het bezoeken van een vogeltoren (waar we toekans van heel dichtbij zagen) en het zien van tientallen papegaaien en parkieten bij een kleibank. Al met al waren het vier geweldige maar vermoeiende dagen, waarna we wel toe waren aan wat rust.

Cotopaxi

We dachten dit te vinden bij vulkaan Cotopaxi, waar een hostel zit waar iedereen lyrisch over was. Van heel veel uitrusten kwam het niet, maar we hebben wel een mooie klim gemaakt, gemountainbiked door het Cotopaxi gebied en onze eigen lunch gevangen (vis). Helaas zijn we bij de eerste wandeling (lees: glibbertocht) naar de waterval de lensdop van de grote camera kwijtgeraakt, was Anne van een rots in het water gegleden, moest Timo haar daaruit trekken, en werd Anne’s shirt bij de haard gedroogd en vervolgens verbrand door een personeelslid (Timo zei gelukkig dat het geen goed idee was om Anne’s Nylon vest daar op te hangen). Het water was per minuut afwisselend warm/ijskoud en op één dag ook aanwezig/afwezig. We hebben dit+meer toch maar even aan het einde gemeld en kregen enige compensatie. Aan de andere kant hebben we wel veel mooie natuur gezien, leuke mensen ontmoet en gesproken en tips uitgewisseld voor volgende bestemmingen.

Het waren dus afwisselende en bewogen dagen de afgelopen tijd, maar hopelijk hebben we onze pech nu wel gehad. Na een lensdop-zoekactie (we hebben zo’n 30 winkels bezocht) in Quito zijn we nu in Mindo, waar we als het goed is heel veel soorten vogels kunnen zien, en misschien wel gaan ziplinen!